Langs de Belgische Kust: van Zeeland tot Cap Blanc-Nez

We volgen de kustroute van Zeeland tot de Opaalkust, van Nederland naar Frankrijk, van Waterland Neeltje Jans tot de rotsen van Cap Blanc-Nez. Onderweg passeren we ook Blankenberge, Oostende en andere Belgische badsteden.

Start: Dagje Zeeland

Vuurtorens, windmolens en deltawerken

Steeds wanneer we Zeeland binnenrijden, overvalt ons een gevoel van ruimte en zin om diep adem te halen. Is het omdat de windmolens hier altijd draaien? Of omdat de wind er de wolken en de watervogels over de polders voortjaagt? Of omdat de eilanden juist zo dunbevolkt zijn? “Toen ik als kind naar hier verhuisde, leek Zeeland het einde van de wereld”, vertelt Ted Sluyter. “Geen bruggen, geen tunnels, enkel leegte.” Sluyter werkt al heel zijn leven op het kunstmatige eiland Neeltje Jans, bij de Oosterscheldekering. Hij zag de bescheiden tentoonstelling over de deltawerken van 1953 uitgroeien tot een waterrecreatiepark voor het hele gezin.

Bovenop de kering verbazen we ons over het geweld waarmee de Noordzee zich in de Oosterschelde stort. Slechts een meter onder ons deinen de machtige golven op en neer. “De kering kan open als het kan en dicht als het moet”, zegt de Sluyter. “Eerst was er een dam gepland. Dat zou een ramp geweest zijn voor de het milieu en voor de oester- en mosselkwekers in Yerseke. Heel Zeeland heeft geprotesteerd.”

Zeeland heeft dan wel eeuwenlang uit eilanden bestaan, de havensteden dreven handel met de hele wereld en waren behoorlijk kosmopolitisch. In Veere, op het eiland Walcheren, herinneren de fraaie Schotse huizen aan het monopolie dat de haven bezat op de invoer van Schotse wol. Het gotische stadhuis draagt duidelijk de stempel van de Vlaamse architecten. Voor het overige ademt Zeeland puur Holland: rijtjeshuizen die gedetailleerd elkaar opvolgen, de dijk van Veere met koeien in de achtergrond en een houten brug genoemd naar Koningin Beatrix. Als kers op de taart krijgen we in het pittoreske dorp Colijnsplaat gebakken tongetjes voorgeschoteld.

Belgische kust in zicht

Voor we de Westerscheldetunnel induiken, rijden we naar Westkapelle. In de uiterste westhoek van Nederlands staat ook de merkwaardigste vuurtoren van het land. Zijn silhouet domineert de polders: een stompe middeleeuwse kerktoren bekroond met een rode lantaarn. Via de vertrekken waar vroeger de vuurtorenwachter en zijn gezin woonden, klimmen we naar de top. De Belgische kust verschuilt zich achter een nevelgordijn, maar we zien het ene vrachtschip na het andere de Westerschelde binnenvaren. De overkant lijkt vlakbij, de omweg via de tunnel is groot. Onpraktisch was die ferry van Vlissingen naar Breskens toch niet.

KM 160: Knokke

Everybody goes surfin’

Vier à vijf beaufort en een blauwe hemel: ideaal weertje voor een bezoek aan Surfers Paradise, een stukje Californië in Knokke. “Je bent net te laat”, zegt Frank Vanleenhove. “De wind is gaan liggen.” De natte surfplanken liggen glimmend op het strand te wachten tot hun eigenaars hen bij meer wind weer oppikken.

De eigenaars zitten echter op het terras van de houten strandclub te luisteren naar Bob Marley. De prachtige bar is versierd met kleurrijke surfboards, een etnisch beeld uit Hawaii een grillig gevormde boom uit Costa Rica. “Meegebracht van mijn surfreizen”, vertelt Vanleenhove. “De club is eigenlijk een uit de hand gelopen hobby. Ze staat op de plek waar in 1987 de Beach Boys hebben opgetreden. Kort daarna ben ik begonnen met één cabine.” Vanleenhove haalde in het begin van de jaren 1980 als eerste Belgische windsurfer de wereldtop. Nadien is hij surfpionier gebleven. Nieuwe surfsporten beleven steevast hun debuut bij Surfers Paradise.

KM 166 en 172: Zeebrugge en Blankenberge

Oldtimers op zee

Onze volgende halte is de Scheepswerf Vandamme-Hutsebaut in Zeebrugge. In de loods achter de scheepswinkel herstelt, restaureert en bouwt Jo Vandamme oude houten boten. De motorjachten zouden zo kunnen thuishoren in het Saint-Tropez van de jaren 60.

In Blankenberge bewaart de vzw De Scute het rijke vissersverleden van de havenstad. De vrijwilligers van De Scute ontvangen op hun werf bezoekers met open armen. Ingenieur Guy Merckaert leidt ons rond: “Voor het bestaan van de vzw bekommerde niemand zich om het maritieme patrimonium. Dat wilden wij veranderen. Dus begonnen we oude plannen op te sporen. Ons eerste project was de Sint-Pieter, een Blankenbergse vissersschuit. In 1999 is ze te water gelaten, na acht jaar werk. In 2012 opnieuw na een grondige renovatie.” De Sint-Pieter vaart nu uit met toeristen die eens een historische visvangst willen beleven. Maar niet vandaag: de wind die voor de surfers een briesje was, doet een vissersboot met één meter diepgang stuiteren op de golven.

KM 194: Oostende

Neusje van de visgastronomie

Negen uur ‘s morgens en de vissersvrouwen bij de openluchtmarkt Vistrap in Oostende zijn al uren in de weer. Het rollenpatroon is hier stevig verankerd. Hij vaart ’s nachts uit, zij verkoopt overdag de vangst. In het ijs liggen wijting, roodbaars, koningsvis, pladijs en vooral tong. En vers zijn ze: sommige vissen happen nog naar adem. Een ander kraam heeft ‘extra grote Oostendse garnalen’ in de aanbieding. “Dagverse garnalen vind je bijna nergens meer”, zegt verkoopster Caroline. “Je moet ze wel vandaag opeten, want er zitten geen bewaarmiddelen in.” Verderop aan de kade komt een witte bestelwagen aan. Gepensioneerde vissers kijken toe en slaan een praatje terwijl de vangst in een oogwenk met een katrol aan wal wordt gehesen.

Koningin der visrestaurants

Verse vis krijg je ook op je bord in het Casino Kursaal. In het modernistische gebouw van Leon Stynen zijn restaurants, bars, een zomerclub en natuurlijk het Casino ondergebracht. Zo huist op het dak van het Casino de visbrasserie Ostend Queen, waar een oesterbar, wijnbar, een dynamische brasserie en een restaurant schuilgaan.

KM 232: Merkem

Fietsen en varen op zonne-energie

Na de drukke zeedijk komt de rust in de Westhoek als een verademing. We zijn te gast bij vzw De Boot in Merkem en Bart Castelein leidt ons rond op de Sint-Antoine. Het oude vrachtschip is nu een ecologische woonboot. De kajuiten ogen knus, maar krap en in de oude stuurhut biedt een vorstelijk uitzicht op het kanaal Ieper-IJzer.

Bij het ontbijt komt er enkel gezonde, onbespoten boerenkost op tafel. Het graan in onze boterham werd in de naburige windmolen tot meel vermalen. Later die dag krijgen we een demonstratie in de achttiende-eeuwse houten molen. De tandwielen knarsen en trillen en brengen de energie van de suizende wieken voort. Even later hebben we drie zakken meel. “Voor dat soort technologie hebben we bij De Boot een zwak”, zegt Castelein. “Simpel en ecologisch. We houden niet van hightech. Energie uit de natuur halen en eenvoudiger leven gaan perfect samen.”

De vzw organiseert ook fiets-, boot- en wandeltochten beginnen op het moederschip Isera, dat volledig draait op wind -en zonne-energie. Je kan er de IJzervallei verkennen met fluisterbuiten op zonne-energie of zonnefietsen.

KM 248 tot 333: Van Gijverinkhove naar Cap Blanc-Nez

Beelden, belforten en krijtrotsen

Eens voorbij de IJzer loopt het vlakke land naadloos over in le plat pays. Net voor de Franse grens bezoeken we de Stichting George Grard. De gipsen beelden kregen onderdak in de witte hoeve, de bronzen beelden trotseren in de tuin de strakke westenwind. Wat het museum bijzonder maakt, is dat je ziet hoe Grards beelden tot stand kwamen: van piepkleine gipsen schaalmodellen over gipsen op ware grootte tot de uiteindelijke bronzen beelden.

Grard verwierf internationale faam met monumentale vrouwelijke naakten zoals ‘De Zee’ nabij het Kursaal in Oostende, ‘Dikke Mathilde’ voor de Oostendenaars. Ondanks de omvang van zijn beelden woonde en werkte hij in een vissershuisje in Sint-Idesbald, niet ver van zijn vriend Paul Delvaux. De zee inspireerde hem zoals zovele kunstenaars.

‘Potjesvleesch’ in le plat pays

Zonder het te merken steken we de grens over en rijden we Frankrijk binnen. Kilometerslang zien we de kerktoren van Hondschoote dichterbij komen. Het ingedutte stadje ziet er even Vlaams uit als zijn naam doet vermoeden. De slager verkoopt ‘potjesvleesch’ en op het gotische stadhuis bespeuren we een Vlaamse leeuw. Idem in het omwalde Bergues: de leeuw klampt er zich vast aan de spits van het belfort met beiaard. Boven heb je een grensoverschrijdend uitzicht over de polders.

Vanaf Bergues gaat het in een rechte lijn naar Cap Blanc-Nez. De loodrechte rots torent 134 meter boven het strand uit. Het is vloed en het water reikt tot tegen de rotsen. Jammer, want je bewondert de witte rotsen best vanop het strand. Hoog boven je zie je de zeevogels rondcirkelen. Boven op Cap Blanc-Nez kijken we uit over de ruwe, heuvelachtige Opaalkust. De landbouwers zijn hier landschapskunstenaars: met veel zin voor esthetiek hebben ze gele koolzaadvelden aangeplant. Aan de overkant van het Kanaal licht bij helder weer de Engelse tegenhanger van Cap Blanc-Nez op: Dover. De kanaaltunnel is vlakbij. Zouden we?

Onze GRANDE reporters stellen volgend(e) hotel(s) voor in deze streek

Grande hotels

"
De familie Dequeecker – Van Hee verwelkomt je hartelijk in dit drie sterren hotel met erg goede prijs/kwaliteitverhouding. De grote troef is de ligging, op 50 meter van het strand en in hartje winkelcentrum. De comfortabele kamers zijn ingericht met een ruime badkamer met regendouche.
..."
GRANDE reporter Kevin De Vos
bezocht deze B&B en schreef:
"

Charming Brugge is gevestigd in een herenhuis uit de vorige eeuw, maar werd in 2007 volledig gerenoveerd. Christoph Minnebo en zijn echtgenote bieden vier gastenkamers met bijbehorende badkamer aan.

..."
"
Het pand van Hotel Damier dateert uit 1769 en heeft een elegante historische gevel met inrichting van Decoene. Als je comfort zoekt, zit je hier goed vanwege het luxe-ontbijtbuffet, de vriendelijke service en een eigen restaurant en café.
..."
"
Het Leopold Hotel beschikt over een prachtige locatie: op drie minuten sta je aan het strand en aan het Kursaal van Oostende. Een halfuurtje rijden en je staat in De Haan, Brugge of Sea Life Blankenberge.
..."
"
De smaakvol ingerichte kamers in dit landelijke charmehotel biedt uitzicht op de karakteristieke polders.  De grote troef is de ligging in een groene, rustige omgeving op een boogscheut van het centrum van Knokke-Heist en het strand aan de rand van het pittoreske dorpje Ramskapelle.
..."
"
Dit viersterren hotel beschikt over luxueuze kamers, een Engels restaurant en een wellness met binnenzwembad. In de ontbijtruimte krijg je een panoramisch uitzicht over de zee. Het hotel ligt vlak aan het strand, op 5 minuten lopen van het stadscentrum.
..."
"
De comfortabele, luxe kamers in boetiekstijl hebben bijna allemaal havenzicht. In het restaurant Grand Café du Bassin kan je de hele dag terecht voor een hapje of een drankje. ’s Avonds kan je dineren met zicht op museumschip Amandine, de laatste IJsvaarder.
..."
"
Dit pareltje etaleert uitbundig zijn authenticiteit met individueel ingerichte kamers. Het pand kreeg een kunstzinnige en moderne toets en het wellness aanbod is uniek voor de regio. Het romantische interieur biedt een luxueuze thuis voor gastronomen en levensgenieters.
..."
"

Het hotel La Bonne Auberge is een zogenaamd 'rebelmantique' hotel. In het huis, dat werd gebouwd in belle-époque stijl, ontmoeten de romantische en rebelse stijl elkaar.

..."
"
Geniet in het stijlvolle hotel Kemmelberg op het hoogste punt van Vlaanderen van een grandioos uitzicht op de Frans-Vlaamse vlakte. De natuurlijke omgeving van het hotel is de ideale uitvalsbasis om te wandelen, fietsen en golfen.
..."

Pagina's