Trendy Turijn

Turijn doet zelden een belletje rinkelen bij toeristen, tenzij bij auto- en voetbalfans. Industriestad Turijn is Fiat-City en Juventus en Torino zijn het Club en Cercle van Italië. Maar Turijn was de eerste hoofdstad van het eengemaakte Italië, iets van die koninklijke grandeur moet toch zijn gebleven?

De ligging in de regio Piemonte in het noorden van Italië, niet ver van Frankrijk en slechts door de Alpen gescheiden van Duitsland en Oostenrijk, zorgde ervoor dat de hertogen van Piemonte krijgsheren waren. Het bekende Huis van Savoye heerste vanaf de zestiende eeuw over Piemonte. Zij bouwden prachtige residenties en maakten van hun hoofdstad Turijn een plek waar het aangenaam wonen en werken was. Het leverde de hertogen geen windeieren op: ze werden vervolgens koningen van Sardinië en van 1861 tot 1946 de koningen van het eengemaakte Italië. De laatste koningin was de in Italië zeer populaire Marie-José, zus van Leopold III en dus een groottante van onze huidige koning.

Koninklijke stad

Turijn doet zijn status van koninklijke stad nog steeds alle eer aan. Het stadscentrum ligt bezaaid met residenties van de Savoyes. Ik wandel langs de Porta Palatina, een van de overgebleven stadspoorten uit de Romeinse tijd (toen Turijn nog Castra Taurinorum heette) naar het Palazzo Reale. Zelden heb ik zoveel bladgoud bij elkaar gezien. De deuren, de plafonds en de meubelen: niets was veilig voor de decorateurs van de Savoyes. De hal van de Zwitserse Wacht (niet enkel het Vaticaan had daar een patent op) zou de mooiste zaal van het paleis zijn, maar ik verkies de balzaal. Alle dagen feest! Let ook op de zogenoemde Trap van de Schaar, een ingenieus bouwwerkje. En dan vergeten we nog het prachtige parket en de verbluffende collectie Chinese vazen. Liefhebbers van servies en zilverwerk (en van lekkere koffie) mogen het café van het Palazzo Reale niet overslaan. Dat café is trouwens ook zonder een bezoek aan het paleis bereikbaar. Een aanrader...

Madama

Tweemaal in de geschiedenis van Piemonte werd het hertogdom geleid door een regentes, omdat de troonopvolger nog te jong was om zelf te regeren. De eerste ‘madama’ was Christine de France, dochter van de Franse koning Henri IV. Zij liet het paleis waarin ze woonde moderniseren en dat wordt sindsdien Palazzo Madama genoemd. Een vreemd bouwwerk is het, met een barokke voorgevel en een opvallend kenmerk: een oude Romeinse stadspoort fungeert als achtergevel. In het paleis is een museum voor oude kunst gehuisvest. Het vijftiende-eeuwse ‘Très belles heures de Notre Dame de Jean de Berry’, met miniaturen toegeschreven aan onder meer Jan van Eyck, rechtvaardigt op zich al een bezoek aan Turijn. Geniet ook van het middeleeuwse houtsnijwerk, het laat-Romeinse zilverwerk en tal van schilderijen, zoals het ‘Portret van een man’ van Antonella da Messina.

Megalomane toren

Bij de Mole Antonelliana waren de Savoyes slechts zijdelings betrokken. Architect Alessandro Antonelli overtuigde in de negentiende eeuw de joodse gemeenschap van Turijn om een nieuwe synagoge te laten bouwen. Aan de bouw ervan werd begonnen in 1863. De financiers hadden snel vragen bij de megalomanie van de architect en draaiden de geldkraan dicht nadat Antonelli de hoogte van de toren veranderde van 47 naar... 113 meter. Van 1869 tot 1873 lag de bouw stil, tot Antonelli het stadsbestuur zo ver kreeg om de financiering over te nemen. Het gebouw zou een eerbetoon worden aan Vittorio Emanuele II, de hertog die in 1861 koning van Italië werd.

Antonelli was in de wolken en paste nogmaals zijn ontwerp aan. Met zijn 167 meter hoge toren was dit ooit het hoogste gebouw ter wereld. Nog steeds is de Mole Antonelliana het hoogste stenen gebouw van Europa. Een lift brengt je naar het 85 meter hoge platform, maar het zou zonde zijn om niet te beginnen met een bezoek aan de rest van het gebouw: een interactief filmmuseum dat ook niet-Italianen weet te boeien. Het museum is volgestouwd met foto’s en documenten over Italiaanse en internationale films, decorstukken, rekwisieten en veel meer. Interessant is de afdeling over de voorgeschiedenis van de film, die begint met de uitvindingen van Edison en de gebroeders Lumière. Op verschillende plekken in het museum zijn filmfragmenten te zien en er worden geregeld tijdelijke tentoonstellingen georganiseerd.

Koffie en chocolade

Hoofdplaats van Piemonte, eerste Italiaanse hoofdstad: dat geeft een stad cachet en dat lieten de inwoners van Turijn zich welgevallen. Een koffietje drinken in een stijlvol caffè, dat kun je natuurlijk ook elders in Italië. Hier gebeurt dat niet zelden in een prachtige omgeving. Cafés als Mulassano of Baratti & Milano brengen je terug naar de negentiende eeuw. Of Bicerin, aan de Piazza della Consolata, de bakermat van de bicerin, een mengeling van koffie, chocolade, suiker, melk én room. Heerlijk! En de koffie? Die komt vaak van Lavazza, want dat merk heeft zijn hoofdkwartier in Turijn. De stad is ook de geboorteplaats van de frisco en van de gianduiotto: chocolade met gebrande stukjes hazelnoot verpakt in een zilveren of gouden wikkel.

Ramses II

In het Museo Egizio kun je een hele dag vertoeven. Dat deze Egyptische schatten in Turijn te vinden zijn, komt doordat hertog Carlo Felice in 1824 vijfduizend objecten kocht uit opgravingen onder leiding van Bernardino Drovetti, die als Franse consul ten dienste stond van Napoleon. Later werd de startcollectie nog meermaals aangevuld. Mis het beeld van Ramses II niet, evenmin als de tombe van Kha en zijn echtgenote Merit. Of de tempel van Ellesiya.

In hetzelfde gebouw als het Egyptisch Museum huist ook de Galleria Sabauda, die ontstond uit de kunstverzameling van hertog Carlo Alberto. Bellini, Filippo Lippi, Mantegna, Van Eyck (een mooie Sint-Franciscus), Memling, de Fluwelen Bruegel, Rubens, Potter, Rembrandt of Van Dyck? Ze zijn er allemaal.

Lingotto

Turijn is een rijke stad, en waar geld zit, bevindt zich ook vaak kunst. Turijn beschikt over tal van plekken waar moderne en hedendaagse kunst floreert, niet in het minst in de Galleria Civica d’Arte Moderna of GAM. Oude kunst vinden we in de Pinacoteca Gianni e Marcella Agnelli – de Agnelli van Fiat, jawel. Fiat staat voor Fabbrica Italiana Automobili Torino en een oude fabriek van Fiat, Lingotto, werd na de sluiting in 1982 verbouwd tot hogeschool, winkels, cinemacomplex, kantoren en een hotel. Boven op de oude Lingottofabriek plaatste architect Renzo Piano een glazen blok waarin de Agnelli’s een deeltje van hun kunstcollectie tonen. Het aantal getoonde werken in de Pinacoteca is beperkt, maar het is de kwaliteit die telt: zes doeken van Canaletto, twee werken van Bernardo Bellotto, zeven werken van Matisse en voorts werk van Tiepolo, Balla, Manet, Renoir, Picasso, Severini en Modigliani. Het dak van Lingotto heeft een tweede verrassing in petto: een oude testbaan. Enkel in België bestond een soortgelijke testbaan boven op een autofabriek: die van Imperia in het Waalse Nessonvaux. De testbaan in Lingotto is bekender. Zo is ze even te zien in een achtervolgingsscène in de film ‘The Italian Job’ uit 1969 met Michael Caine. Leuk is dat je een wandeling kunt maken op die testbaan. Het uitzicht over Turijn krijg je er gewoon bij, behalve als het mistig is, hetgeen in Turijn wel vaak durft voor te komen.

Mens en machine

Ik beslis mijn bezoek af te ronden met de CitySightseeing Torino, een typische hop-on-hop-offbus die je langs de toeristische highlights van de stad brengt. Leuk is dat je in Turijn de keuze hebt tussen twee circuits: de traditionele toer door de oude binnenstad, en een tweede, langere rit die je langs bezienswaardigheden buiten het oude stadscentrum brengt, zoals de Galleria d’Arte Moderna, de Fondazione Merz, Lingotto en het automuseum.

Ik laat me afzetten bij dat laatste museum. Het gaat niet om een Fiat-museum, al ligt de nadruk van het museum wel op Italiaanse auto’s en kom ik in het museum vele oude modellen van Fiat tegen, ook conceptmodellen. Oude modellen (uit Italië, maar ook uit onder meer Frankrijk, de Verenigde Staten en met de Trabant zelfs Oost-Duitsland) dialogeren met gereconstrueerde decors en allerhande tijdsdocumenten, zoals foto’s en films (een leuke is ‘Some like it hot’ met Marilyn Monroe). In de afdeling ‘de mens en de machine’ toont men een indrukwekkende reeks (knalrode) raceauto’s.

Turijn is overigens niet enkel de stad van Fiat. Andere automerken als Itala, Pininfarina, Ceirano, Morotti, Abarth, Bertone en Lancia hadden of hebben hier een vestiging. Ook drankenfabrikant Cinzano heeft er zijn roots, net als Martini & Rossi. De productie van Martini vindt plaats in Pessione, vijftien kilometer buiten Turijn. Martini kennen we bij ons vooral als vermoutfabrikant. Toch zijn er tal van andere producten. Zo is ook de schuimwijn Martini Brut aan een steile opmars bezig. In Pessione, in de kelders van het gebouw waar sinds 1864 op de gelijkvloerse verdieping kantoren en ontvangst­ruimtes en boven de vertrekken van Luigi Rossi en zijn familie werden ingericht, werd in 1961 een wijnmuseum geopend. In 2005 kwam daar Mondo Martini bij. Een speciale ruimte in de kelders in Pessione is enkel voor groepen geopend: de Martini Experience Room. Daar maak je kennis met enkele van de meer dan veertig botanische ingrediënten van vermout.

Onze GRANDE reporters stellen volgend(e) hotel(s) voor in deze streek

Grande hotels

GRANDE reporter Gert Van Wichelen
bezocht dit hotel en schreef:
"
Villa d'Amelia is een stijlvol en hedendaags hotel, 15 kilometer ten zuiden van Alba.
..."
"
Foresteria Valsesia is prachtig gelegen in het noorden van Piemonte aan de oevers van de Sermenza, een zijrivier van de Sesia.
..."
GRANDE reporter Gert Van Wichelen
bezocht dit hotel en schreef:
"
Bovenop de heuvels van Alba in Piemonte ligt het Roero Park Hotel in het dorpje Sommariva Perno.
..."