donderdag 11 maart, 2010 - 15:25

Roos Van Acker

Dure hotels én bamboehutten

“Ik heb net een wereldkaart in mijn toilet gehangen”, zegt Roos Van Acker. “Daarop duid ik alle plekken aan die ik nog wil bezoeken. En dat zijn er heel wat.”

Je kent Roos Van Acker van Studio Brussel, Peking Express en Expeditie Robinson.

Wat is de leukste plaats die je ooit bezocht hebt?
“Canada, zonder twijfel. We waren er op bezoek bij familie in de buurt van Winnipeg, de hoofdstad van Manitoba. Er kwamen zelfs grizzlyberen en cubs in de tuin rondsnuffelen. Heel schattig. Prachtige, desolate landschappen ook! We konden er honderden kilometers rijden zonder iemand tegen te komen, behalve de occasionele 7-Eleven-supermarkt.”
Het kan niet anders of je hebt ook nog andere favoriete bestemmingen?
“Ubud, het culturele epicentrum van het eiland Bali, vond ik zeer gezellig. Het resort-kustdorpje Kuta vond ik dan weer veel te Amerikaans. Niet mijn ding.”
Je mag nu meteen op citytrip vertrekken. Waar ga je heen?
“Naar Kopenhagen. Denen zouden stug zijn, maar dat beweert men even goed over de Zweden. Nors en afstandelijk, maar als ze wat ontdooien, blijken het schatten van mensen. Andere bestemmingen? Nieuw-Zeeland, Japan en een safari in Kenia staan op mijn verlanglijstje.”
Maak je vaak korte breaks?
“Eigenlijk wel. Minstens twee keer per jaar naar Barcelona, Londen of Rome: lekker eten, musea bezoeken, …”
Kun je ons een paar tips geven?
“In Londen zijn we in een restaurant beland dichtbij Leicester Square: Asia de Cuba in St Martins Lane. Heel mooi ingericht, fantastisch lekker, maar verschrikkelijk duur. In Rome vind ik de straatstalletjes waar je verse pizza kunt kopen, zeer de moeite.”
Ben je een luxereiziger?
“Nu iets meer dan vroeger. Als ik een reis boek, wil ik de eerste vier dagen in een chic hotel logeren, en dan ga ik met de rugzak verder. Het meest luxueuze hotel ooit was Saratoga in Havana City: duur, maar prachtig. Een bamboehut in het midden van de jungle kan me ook bekoren.”
Neem je ook wel eens vakantie in eigen land?
“Ik hou wel van de Ardennen: iedereen spreekt er Frans en dat geeft me een buitenlands gevoel. Maar het liefst ben ik echt weg.”
Bereid je de hele reis voor of laat je alles maar op je afkomen?
“Ik ben een planner, tot in de details. Ik zoek vooraf alle bezienswaardigheden op en pik ik er dan een aantal uit. Maar ter plekke blijft van dat geplan niet veel meer over. Dat ik dan de Sagrada Familia in Barcelona niet zie, vind ik niet zo erg. Ik wil vooral de sfeer opsnuiven.”
Waar ga je nooit nog terug?
“Kazan in Rusland: onaantrekkelijk, grijs, triest… Terwijl Moskou en Katarinaburg wel zeer de moeite zijn. Misschien ga ik later nog terug.”
Bestaat er een plek die je altijd zult meedragen?
“Toch een paar, maar het Venezolaanse eiland Los Roques staat ergens bovenaan. Het is een beschermd natuurgebied, enkel bereikbaar met een vliegtuigje vanuit Caracas. Ik heb er tien dagen liggen niksen: een beetje snorkelen in helblauw water, lekker gegeten en korte conversaties gehouden met mijn gastfamilie. Echt, daar wil ik zeker naar terug.”

Het volledige artikel is eerder verschenen in GRANDE.