Voor Joost Zweegers, frontman van popgroep Novastar, is geen bestemming te ver of geen reis te avontuurlijk. De man die enkele weken bij een inheemse stam op een Indonesisch eiland doorbracht, is dan ook wat gewend. Maar dat tempert zijn reisambities absoluut niet: “De volgende keer wil ik nog dieper de jungle in.”
“Mijn reis naar het Indonesische eiland Siberut en de plaatselijke Mentawaistam was echt ongrijpbaar. Dat was zo’n unieke ervaring… Die stam is nog maar honderd jaar geleden ontdekt. Hun leven heeft echt geen enkel aanknopingspunt met het onze. Maar die reis was zo fantastisch dat ik zeker nog terugwil. Een medicijnman heeft me daar een tattoo gezet die binnen een aantal jaren hersteld zal moeten worden, zo heb ik meteen een perfecte aanleiding.”
Ik kan mij voorstellen dat iemand die stammen uit de jungle tutoyeert, niet zomaar tevreden is met een tripje naar pakweg de Côte d’Azur.
“Daar vergis je je in. In principe vermijd ik geen enkele bestemming, ook niet de zeer toeristische. Maar ik kijk wel uit. Aan de Franse zuidkust zal ik bijvoorbeeld twee dagen aan het strand liggen en er acht dagen op uit trekken.
Aan welke plaatsen heb je je hart al verloren?
“Egypte! Naar sommige piramides kan ik echt een hele dag kijken. Ik ben er al vier keer geweest, genoeg om er mijn privégids te hebben. Ik hoef die man gewoon op te bellen en hij staat voor mij paraat. Daarnaast moet ik zeker Japan vermelden. Dat is daar echt ‘life on Mars’, je kunt het helemaal niet met andere landen vergelijken. Het lijkt me trouwens een leuk idee om daar ooit aan nieuwe nummers te werken. Niet dat mijn muziek dan plots Japans zal klinken, maar wel om de vele aparte indrukken in mijn liedjes te verwerken. Zo gaat dat bij mij: ik zie me niet meteen nummers over één stad of land schrijven, maar het gevoel van een bepaalde bestemming laat ik wel makkelijk doorsijpelen in mijn muziek.”
Vandaar dat je jongste album ‘Almost Bangor’ heet?
“Bangor is inderdaad een plaatsje op het Bretonse eiland Belle-Île-en-Mer waar we de nummers van het album geschreven hebben. Bretagne is geweldig, het heeft iets mystieks, iets onbevattelijks. En dat Bangor ook een plaatsje is in Wales waar de Beatles ooit zijn gaan herbronnen, was voor een fan als ik natuurlijk mooi meegenomen.”
Hou je ook van steden?
“Ja hoor. In New York heb ik zelfs een pied-à-terre. Daar verblijven beschouw ik niet langer als reizen. Het is de meest bruisende stad die je je kunt voorstellen. Voor sommigen is New York misschien vermoeiend, maar ik krijg er net veel meer energie. En dat ondanks het feit dat ik er drie tot vier uur minder slaap dan in België. San Francisco is ook een van mijn favorieten: daar hangt gewoon liefde in de lucht.”
Vakantie in je straat is dan waarschijnlijk niets voor jou?
“In mijn woonplaats Antwerpen kan ik onbeschaamd genieten van een terrasje vlakbij de kathedraal. Ik heb daar mijn favoriete cafeetje, waar ik al de toeristen voorbij zie wandelen. Supergezellig!”
Deze tekst verscheen eerder in het reismagazine GRANDE.












