dinsdag 07 februari, 2012 - 23:06

‘Spitsbergen is een plek die elke reiziger moét zien’

Spitsbergen mag dan niet onmiddellijk een toeristische topper zijn, wie er geweest is, blijft zijn hele leven lang onder de indruk van de natuurpracht. Ook Leo Vereycken uit Mechelen, geen groentje als het op reizen aankomt. “Zelfs de meest ervaren reiziger weet niet wat hem daar te wachten staat.”

“Ik ben zelf reisbegeleider, ik heb dus al een stukje van de wereld gezien. Maar naar Spitsbergen als ‘gewone reiziger’ was toch een ongekende ervaring”, vertelt Leo. “Je stapt uit het vliegtuig en alles is anders. Toen we aan het hotel kwamen, stonden aan de voordeur twee rendieren gezellig samen te grazen! Bovendien scheen de zon nog volop, hoewel het één uur ’s nachts was. Van april tot september is het er 24 uur lang dag. De lichtintensiteit is er ook heel hoog: om twee uur ’s nachts schijnt de zon er even fel als hier op de middag. Best vermoeiend: we vergaten soms dat we moesten gaan slapen. Maar de zomer is de beste periode om Spitsbergen te bezoeken, want tussen oktober en februari is het er gewoon constant donker.”


IJsbeer van vlakbij
“De reis bestond voor het grootste deel uit een rondvaart op een schip. Wij maakten een echte expeditie, en dankzij de ‘landingen’ in een zodiac beleefden we de schoonheid van Spitsbergen ten volle. Beeld het je even in: je zit in zo’n rubberbootje wanneer die enorme bergen plots voor je opdoemen. Je voelt je er als mens dan nog héél klein, hoor. Het is best confronterend, zo’n ontmoeting met die machtige natuur.”
“Het moment dat je van vlakbij een ijsbeer ziet, dat is werkelijk onbeschrijfelijk. De sfeer in de groep was toen plots heel uitgelaten. Ook de andere dieren maakten veel indruk op ons: de walrussen bijvoorbeeld kwamen gewoon naar ons toe gezwommen! Toch bleven we altijd op een afstandje, voor de veiligheid én om de natuur niet te verstoren. Het is ook gevaarlijk: de inwoners van Spitsbergen zijn wettelijk verplicht om altijd een geweer bij zich te hebben. De landingen konden ook op het meest onverwachte moment gebeuren. Onze expeditieleider zag om kwart over vier ’s nachts een ijsbeer met haar jong, dus werden we via de intercom gewekt. Ook de vogelkolonies waren de moeite waard om wakker gemaakt te worden: tienduizenden dikbekzeekoeten voerden op een loodrechte rotswand een stevige competitie om het beste broedplaatsje. Op zo’n moment sta je met open mond te kijken. We gingen ook aan land tussen 60.000 kleine alkjes. Die vogeltjes waren amper 20 centimeter groot en helemaal niet mensenschuw. Plots kwam er een roofvogel aan en hup, tienduizenden vogels in één wolk allemaal tegelijk de lucht in.”

Hoog avontuurgehalte
“Ons schip deed vroeger wetenschappelijke expedities. En de zodiacs waarin we aan land gingen, waren dezelfde als wat het leger gebruikt. Soms konden we niet verder varen omdat het pakijs te dik werd. De expeditie wordt geleid door een bioloog, en daarnaast gaan nog eens twee mensen mee met elk een specifiek vakgebied. Het blijft natuurlijk een reis met een hoog avontuurgehalte, maar er was voldoende comfort aanwezig op het schip. Het restaurant had enorme ramen, zodat je tijdens je avondeten gewoon uitkeek op die prachtige panorama’s. En op de boot zelf konden we gerust in T-shirt en sandalen rondlopen. We moesten wel opletten voor de windchill aan dek: in de wind daalde de gevoelstemperatuur in één klap met 20 tot 25 graden. Het weer was ook onvoorspelbaar. Soms stonden we ’s morgens op met neerdwarrelende sneeuwvlokken, om een uur later onder een staalblauwe hemel te staan die bijna pijn deed aan de ogen.”
“Ik vind dit een reis die iedereen eigenlijk minstens één keer zou moeten maken. Het is gewoon een plek die je gezien moet hebben als reiziger. Zoiets kun je nooit meer evenaren. Het is nog een van de echte wildernissen van de wereld, zo ongerept. Het zou, samen met het regenwoud en de woestijnen, beschermd moeten worden. Want als ik zie hoe er nu weer een wedloop georganiseerd wordt op de grondstoffen rond Spitsbergen, doet dat écht pijn. Zulke prachtige plaatsen zien kapotgaan, breekt mijn hart.”

5 vragen over Spitsbergen
Wat?
Spitsbergen is een van de drie hoofdeilanden van de eilandengroep Svalbard. De naam betekent letterlijk ‘koude kust’.
Waar?
In de Noordelijke IJszee, de eilanden behoren tot het Noorse grondgebied.
Wie?
Het land bestaat voor zo’n 60 procent uit gletsjers, en dat is misschien een van de redenen waarom het amper 2.165 inwoners telt.
Hoofdstad?
Longyearbyen, waar 1.500 mensen wonen. Volgens Leo Vereycken is het stadje aan een opmars bezig: “Dit jaar waren er al twee straten bijgebouwd, enkele jaren geleden had je er amper drie. Ik denk dat er op heel Spitsbergen amper 15 kilometer wegen zijn”.
Ruzie?
Hoewel Svalbard officieel onder Noors voogdijschap valt, zijn er regelmatig conflicten met grote buur Rusland, vooral over de visserij.

Wie net als Leo naar Spitsbergen wil, doet dat het best in de zomer. Met Amazing Journeys kun je komende zomer van 10 tot 19 juni 2009 voor 3.690 euro een tiendaagse expeditie maken. Bij die prijs zit de vlucht niet inbegrepen. Reken hiervoor nog op zo’n 1.000 euro.

Tekst: Sophie Vergucht