De verhalen onderweg van Duisburg naar Essen

Op doortocht in het Ruhrgebied passeren we oude industriebolwerken Essen en Duisburg. De historische mijn- en koolindustrie lieten een grote impact na op de bewoners, tot op vandaag.

Rust in het roestbruine labyrint

In Duisburg staan we op Hoogoven 5 in het Landschaftspark Duisburg. We kijken uit over het Ruhrgebied. In de miezerige regen spuwen tientallen fabrieken witte rook uit. Drukke autosnelwegen omknellen de woonkernen en de kerktoren van de stad lijkt verdwaald tussen de industriereuzen.

Aloïs Haüsler heeft dertig jaar in deze ijzerfabriek Hoogoven 5 gewerkt die ondertussen een 200 hectare groot natuur- en recreatiegebied vormt. Hij kan elke fabriek benoemen die we hier vanaf zeventig meter hoogte zien. In de jaren 1960 had Aloïs 13 000 collega’s, in 1984 nog 400. We volgen hem terug naar de voet van de hoogoven. ”Hier vloeide het gesmolten ruwijzer in de bekkens aan een temperatuur van 1500 graden. Maar eerst moest je een gat in de ovenwand boren en nadien terug dichtmaken. De arbeiders waren altijd buitenlanders. Ze gingen kapot aan de gasdampen en de hitte. Zelfs als het buiten vroor, zweette je hier.” Nu kan Aloïs net als de talrijke joggers, fietsers en wandelaars genieten van de rust die is neergedaald over het labyrint van roestbruine buizen en daken, hoogovens en schouwen.

De verboden mijnstad

Een halfuur autosnelweg en twintig kilometer meer oostwaarts komen we aan in Essen. Gids in deze uitgestrekte industriestad is Lars Büttner. Op het Ereplein van de Zollvereinmijn in Essen stuurt Büttner zijn cabrio het plein op. De toren van Schacht 12 houdt al sinds 1932 stand. De ‘Eiffeltoren van het Ruhrgebied’ hoort bij de grootste steenkoolmijn ooit gebouwd. “De mijn is terecht tot werelderfgoed uitgeroepen”, is Lars van mening. “De architecten Schupp en Kremmer hebben alles geniaal in scène gezet. Zoals bij een barokpaleis. Het plein is ontworpen om bezoekers te overweldigen. Maar de gebouwen zijn doordacht opgesteld en deden de mijn zo efficiënt mogelijk functioneren.”

Voor de buren was Zollverein een verboden stad. Ze moesten wachten tot na de sluiting in 1986 om het industrieterrein achter de muren te zien. Lars negeert het bord ‘Betreten Veboten’ en leidt ons het kolensorteergebouw binnen. Alles ligt er nog bij zoals op de laatste werkdag in 1986. Zelfs het kolengruis is beschermd als werelderfgoed.

Later op de dag toont  hij ons een oude arbeiderswijk na een kwartier zigzaggen over hobbelige wegen. Een rustige straat, spelende kinderen, een poes op een scheve vensterbank van één van de vele overhellende huizen. “Het gevolg van de mijnbouw”, verklaart onze gids. “De mijngangen onder de huizen zijn ingestort. Heel het noordelijk Ruhrgebied is ondergraven en ligt vijftien meter lager dan voor de industriële revolutie. De heuvels die we passeerden, zijn ontstaan door verzakkingen. Je kon de fabriek niet verbieden onder je huis te graven. Mijnrecht stond boven elke wet.”

Een Engelse tuinwijk voor je echtgenote

De arbeiderswijk Margaretenhöhe is gebouwd om arbeiders aan te trekken. In opdracht van grootindustrieel Alfred Krupp bouwde een Beiers architect een Beiers dorp naar model van de Engelse tuinwijk, en dat allemaal voor echtgenote Margareta Krupp. Het is een idyllisch dorp waar alle huizen klapluiken hebben, druivenranken tegen de gevels opklimmen, de straatnamen in gotisch schrift zijn en een marktplein een fontein heeft. Hierop staan de inspirerende woorden: “Schatten zoek je niet met spaden, maar vind je met nobele daden”. Deze woorden moesten de vele migrantenarbeiders zich doen thuisvoelen in de wijken. Tegenwoordig loopt de wachtlijst voor deze huizen op tot zeven jaar.

Dé bierstreek van Duitsland

Alfred Krupp moet bij het tekenen van de plannen tegen zijn vrouw gezegd hebben: “Eén bewaakte toegangspoort en binnen geen alcohol”. Günter Gajek moet lachen als hij het hoort. “Ja, mijnwerkers dronken graag, als hun loon werd uitbetaald. De vrouwen stonden dan bij de poort klaar om het af te pakken, want de Kneipe was maar om de hoek. Het Ruhrgebied was met duizend brouwerijen dé bierstreek van Duitsland. Kroegen hadden elk hun eigen huisbrouwerij. “

Gajek zet die traditie verder in de Dampfbierbrauerei in Borbeck bij Essen. Hij beheert er op zijn eentje het geautomatiseerde brouwproces. Geen romantiek hier, maar de prachtige kroeg staat bol van de nostalgie. Proef er het huisgebrouwen donkere en ongefilterde Zwickelbier. Ideaal bij Eintopf, een variant van hutsepot. De mijnwerkers aten vet, maar eenvoudig. Zulke gerechten halen enkel in Ruhrse kroegen nog de menukaart.

Onze GRANDE reporters stellen volgend(e) hotel(s) voor in deze streek

Grande hotels

"
Verken het historische centrum van staalstad Duisburg vanuit het centraal gelegen Wyndham Duisburger Hof. In Restaurant L'Opera of de Stilbruch Lounge Bar kan u genieten van internationale gerechten en drankjes. Het theater van Duisburg ligt vlak naast het hotel. 
..."
"

De populariteit van B&B's en kleine charmehotels maakt dat de grote ketenhotels zichzelf steeds meer in vraag stellen. Het product drastisch moderniseren met een ingehuurde dure designer is een populaire oplossing.

..."
GRANDE reporter Guy Meus
bezocht dit hotel en schreef:
"

Sfeervol hotel in countrystijl maar wel gelegen aan een bijzonder drukke rijweg. Heel warm in de kamers en de airco werkte niet. Ruime kamers voorzien van alle comfort. Ontbijt uitstekend. Vriendelijk personeel.

..."
GRANDE reporter Louis Waelkens
bezocht dit hotel en schreef:
"

Dit hotel bewijst meteen dat logeren in Duitsland niet altijd in oubollige Gasthäuse hoeft te gebeuren. Strak design en moderne kunst voeren hier de boventoon. Kunstenaar Heiko Nemitz zette dit hotel op een geslaagde manier naar zijn hand.

..."
GRANDE reporter Tessa Verheecke
bezocht dit hotel en schreef:
"

Deze verblijfplaats herbergt ruime kamers met oog voor hedendaags design en alle modern comfort. Dit elegante hotel biedt een ongedwongen sfeer, waar je kunt relaxen na een dagje cityhoppen.

..."
GRANDE reporter Guy Meus
bezocht dit hotel en schreef:
"

Rustig gelegen op loopafstand van het Centraal Station. Rustige, ruime en comfortabele kamers.

..."
GRANDE reporter Louis Waelkens
bezocht dit hotel en schreef:
"

Dit stijlvolle en moderne hotel bevindt zich in een futuristisch gebouw aan de Rijn, op een boogscheut van het centrum. Door de constructie van het glazen gebouw heb je een subliem uitzicht over de rivier, de stad en het omliggende landschap.

..."